Kamperfoelie

Weinig planten zijn zo veelzijdig als kamperfoelie. Er bestaan struikvormige en klimmende kamperfoelies. Je kunt klimmende kamperfoelie langs een paal laten groeien, als verticaal accent in een border, of in een boom als je geen zin hebt om tegen een kale stam aan te kijken. Je kunt hem door een haag vlechten, maar je kunt de klimplant ook als bodembedekker gebruiken. Struikkamperfoelies kun je tot een haag snoeien, of je kunt ze planten om ook ‘s winters wat in de tuin in bloei te hebben. Over hun geur heb ik het dan nog niets eens gehad.

Een van de sterkst geurende kamperfoelies is onze inheemse wilde kamperfoelie, Lonicera peryclimenum. Als deze plant bloeit is de zomer begonnen. Doe de tuinverlichting uit en ga op een zwoele juni-avond op het terras zitten. Ervaar hoe de geur van de kamperfoelie vanuit het donker komt aangolven en tot zondige gedachten leidt. Als u geluk heeft ziet u bij maanlicht hoe een pijlstaartvlinder met zijn onwaarschijnlijk lange roltong nectar uit de bloemen zuigt.

De wilde kamperfoelie, uit bos en duin, is eigenlijk niet te verbeteren, maar toch wordt dit steeds door kwekers geprobeerd. De wilde soort heeft crèmewitte bloemen die in een paar dagen verouderen naar lichtgeel. Kweekproducten bloeien in allerlei schakeringen van roze. Ook op bloeitijd zijn diverse cultivars geselecteerd. ‘Belgica’ bloeit vroeg, in juni en juli, terwijl ‘Serotina’ pas in de tweede helft van de zomer begint. ‘La Gasnerie’ en ‘Graham Thomas’ bloeien door tot diep in de herfst. Na de bloei verschijnen de donkerrode bessen die wat kleur, en ook wat grootte betreft wel wat op aalbessen lijken. Alleen hangen ze niet in trossen – ze zitten meer in een prop.

Wie kamperfoelie als bodembedekker wil gebruiken, moet Lonicera japonica eens proberen. Dit is een plant die als een dekbed vele vierkante meters tuin kan bedekken. Het zou mij niet verbazen als zelfs zevenblad onder een dek van deze kamperfoelie het loodje legt, al moet ik eerlijkheidshalve zeggen dat ik niet uit ervaring spreek. Ik ben namelijk niet dol op Lonicera japonica. Waarom weet ik niet; de plant heeft louter voordelen: zoetgeurende bloemen gedurende een lang bloeiseizoen, donzige stengels, glimmende, zwarte bessen en mooi ovaal blad dat in een kwakkelwinter, of in een beschutte stadstuin, de hele winter groen blijft. Laat u zich dus niet beïnvloeden door mijn vooroordeel, en ga op zoek naar ‘Halliana’ – de beste variëteit. ‘Aureo-reticulata’ heeft groen blad met gele nerven – effectief in donkere hoeken, maar deze cultivar bloeit minder rijk dan ‘Halliana’ en is bovendien minder vorstbestendig.

Vaak worden kamperfoelies in zware schaduw geplant, maar dat is een misstap. Kamperfoelie houdt van zon; gedeeltelijke schaduw is geen bezwaar, maar in diepe schaduw wil de plant niet bloeien. Kamperfoelie overleeft vaak in barre omstandigheden, maar dat is geen reden om te concluderen dat de plant zonder water en voedsel kan. Kwijnende kamperfoelies zitten steevast onder de luis.

Wie wel een kamperfoelie in zijn tuin wil, maar geen klimgelegenheid heeft, kan veel soorten ook als struikje opkweken. Sla een paal in de grond en knip de kamperfoelie af zodra hij de gewenste hoogte heeft bereikt. Bovenaan zal een pruikje van zijscheuten ontstaan. Knip die pruik ieder jaar kort. Doe dat vroeg, in januari, want kamperfoelie loopt al aan het einde van de winter uit. Herhaal dat kortknippen ieder jaar en na verloop van jaren zal er een bolvormig kamperfoeliestruikje op een stam ontstaan. Een steunpaal zal altijd wel nodig blijven.

 

Kamperfoelies plant je om hun geur en niet zozeer om de kleur van hun bloemen. Toch is er één uitzondering: Lonicera x tellmanniana, een tierige klimmer die met gemak 6m hoog wordt. De bloemen zijn niet onbestemd van kleur, zoals die van de meeste kamperfoelies, maar sprekend oranjerood. Het nadeel is dan weer dat die bloemen niet geuren. Maar daar lijken de nachtvlinders geen last van te hebben. Die vliegen net zo druk op Lonicera x tellmanniana als op de kamperfoelies die wel geuren. Misschien verspreidt deze roodbloeiende kamperfoelie wel een geur die wij mensen niet kunnen ruiken.